Daems Sim

° 04.03.1935
† 08.12.2025
in: 02.09.58
uit: 01.05.93
leraar Fysica (dan inspectie tot pensioen 01.10.95)


Getuigenis door collega’s Pius X. Gelezen door Fred en Monique
MONIQUE: Dag Sim, vanuit de school waar je decennialang leraar en lerarenopleider was willen we jou een afscheidsgroet brengen. De groet komt van een groep mensen die je zeer goed gekend heeft. We hebben de impressies van zeven oud-collega’s proberen samen te vatten.
Laten we beginnen met een kleine humoristische noot waar jij ook nooit om verlegen zat en belangrijk vond.
Toen jij op 2 september1958 werd aangenomen als leraar fysica in het regentaat van Pius X zei de toenmalige directeur Hazenbroeckx dat jij je elders moest aanbieden om in te schrijven als… student. Wellicht omdat je nog zo jong oogde?
FRED: Wat uit alle reacties en herinneringen steeds terugkomt proberen we op een rijtje te zetten:
- Een vakdidacticus fysica in hart en nieren. Als geen ander kon hij dingen die ogenschijnlijk SIMpel zijn, erg boeiend maken.
- Hij was een kei in vakvernieuwing en fysica was voor hem niet enkel theorie, maar experimenten waren lesnoodzakelijk.
- Een warmmenselijk man en altijd erg begaan met het wel en wee van zijn collega’s en hun familie. Maar ook vooral ‘een goed gevoelgever’ aan zovele studenten en cursisten.
- Ondanks een enorme vakbekwaamheid, intelligentie en groot verantwoordelijkheidsgevoel was hij de bescheidenheid zelve.
- Tevens een familieman met LIF – voor, achter en vooral naast hem.
We willen we aan de hand van enkele fragmenten en anekdotes zijn mooi en lang leven illustreren.
MONIQUE: Sim vormde regenten wetenschappen op Pius X en in de aggregatieopleiding aan de KUL was hij stagebegeleider. Honderden leraren wetenschappen genoten van zijn nascholingen en hoe vaak zou hij niet op woensdagnamiddagen en zaterdagen met Herman Franken zaliger, Rudi Luyten en later ook Guy Verstraelen zijn auto volgestouwd hebben om tot in de verste uithoeken van Vlaanderen te gaan optreden. Want shows waren het. Sims Leitmotiv was ‘Teaching is fun’. Geen saaie voordrachten, maar een show waarin hij op onnavolgbare wijze natuurkunde sleet aan leken.
Collega’s, herinneren jullie nog de pedagogische studiedag in Ter Dilft in Bornem waar Sim als ‘magic maestro’ de harten stal van zovele collega’s?
‘Luchtige, speelse fysica met eenvoudige materialen’ noemde hij dat. Nog zo’n stokpaardje: eenvoudige materialen. Sim gaf immers les – en dat op academisch niveau – tussen tientallen lege colaflessen, kilo’s oude fietsventielen, emmers zand en stukken en brokken vensterlood. Eventueel ontsnappen langs de nooduitgang in zijn lokaal ging nauwelijks want daar lag een arsenaal aan dierenbeenderen van alle mogelijke afmetingen. Opende je een kast, je ontdekte netjes ingepakte stenen. Lif kan best getuigen van het aantal uren dat Sim doorbracht met het ontwerpen van allerlei apparatuur en zoeken naar de beste ingrediënten. Soms bedacht hij een alibi, ‘vrienden zullen dit fixen’, een alibi om onder de mensen te zijn. Zijn lang leven.
FRED: Talrijke oud-studenten merkten vaak op dat hij de gave had om als fijn mens elke student tips te geven bij de lesbespreking. Hij gaf de studenten steeds de raad dat fysica als wetenschap een doe-fysica moest zijn en dat zij zelf op zoek moesten gaan naar degelijk didactisch materiaal en niet alles zomaar moest aangekocht worden bij een leermiddelenleverancier, maar het zelf maken of laten maken.
Typerend voor Sim was ook zijn relativeringsvermogen wanneer hij een lesbespreking afrondde in de stijl van ‘die gaat er wel komen’ en ‘het is de eerste les, maar je moet ze een kans geven’.
Sim stelde dat in het onderwijs veel meer humor moest komen. Daarom ging hij ook op zoek naar cartoons, foto’s en tekeningen van onder meer oud-collega Natus Verbaenen om talrijke handboeken en transparanten te illustreren. Deze frisse, didactische kijk op wetenschap zorgde ervoor dat de handboeken fysica en wetenschappelijk werk van uitgeverij Van In, een groot succes waren in Vlaanderen.
Ook zijn centrale rol in de leerplancommissies en zijn taak als pedagogisch begeleider in het bisdom Antwerpen werden zeer gerespecteerd.
MONIQUE: Tot slot nog dit, Sim. Een collega vergeleek jou met Sinterklaas, fysiek maar vooral als persoon zijn er gelijkenissen. Mijter en staf hadden jij en Jan De Craen niet nodig bij jullie huisbezoeken, ter gelegenheid van de geboorte bij een PHO-collega.
Beste Sim, de vele superlatieven kunnen we samenvatten als volgt: je was voor ons dé gedroomde collega, één-uit-de-duizend. Dé riem onder het hart-steker bij uitstek. Daar zijn we je ontzettend dankbaar voor!
MONIQUE in naam van RIK VERHULST: Sim, goede vriend en collega van het eerste uur, dat je me dan toch nog hebt willen voorgaan.
Hoe dierbaar zijn me nu die laatste ontmoetingen, eerst in het Hof van Riet, vergezeld van al je dagbladen en later tijdens de bezoekjes bij je thuis met de heerlijke koekjes van Lif. Hoe dikwijls hebben we bij die gelegenheden telkens weer dezelfde herinneringen en plezierige anekdoten bovengehaald aan die gouden tijd waarin we beiden betrokken waren in het nieuwe elan van de didactiek van ons vak.
Waar is de tijd van de Pottershofstraat waar we vlak over elkaar woonden en we van achter het raam elkaar konden zien zitten, jij aan je bureau en ik aan mijn schrijftafeltje, en we elkaar konden toewuiven en aanmoedigen om toch maar door te gaan met de karwei van het boekenschrijven. Onze gezinnen werden toen ook als familie van elkaar.
Onze eerste ontmoeting was er één van docent en student. In gezelschap vertelde je altijd graag dat je aan mij nog les had gegeven. Ik had eerst mijn legerdienst gedaan en jij had eerst je studies afgewerkt.
Al snel werd je een autoriteit in het onderwijs van de natuurkunde en reisde je heel Vlaanderen af met je rariteitenkabinet van ‘Physics is Fun’ om te tonen hoe je het vak boeiend en aantrekkelijk kon maken.
Eens mochten we samen optreden op de jaarlijkse studiedag van de Wina, de vereniging van wiskundigen en natuurkundigen van de Universiteit van Leuven. Om de wetten van de druk te illustreren ging je toen op een rist eieren staan zonder er omeletten van te maken. Je had me de raad gegeven het een beetje amusant te houden. Ik heb mijn voor die gelegenheid ontworpen bidecimale getallen toen ludiek maar ‘tweezakken’ genoemd als groep van de politici gerepresenteerd door schroevingen op een cilinder: schuiven als het kan, draaien als het moet. ’s Anderendaags kopletterde De Standaard: Wiskunde via de lachspieren.
Het was steeds aangenaam tijd met je te kunnen delen. Je rustige manier van spreken en je legendarische humor vrolijkten onze collegiale ontmoetingen op. Maar boven alles is onze blijvende vriendschap nu een troost voor je heengaan als een blijvende legende van ‘Niet zo maar een school’.
Tot binnenkort trouwe vriend.